Honderd Haagse Dichters Marathon

Een krappe drie weken waren ervoor nodig om tot een kettinggedicht van 100 strofes te komen. Een gedicht, door 100 pennen geschreven, als eerbetoon aan de honderdjarige Haagse Openbare Bibliotheek, het ritme en het rijm.
De 100 Haagse Dichters omsingelden op zondg 26 februari de Centrale Bibliotheek voor een mega-voordracht. Deze unieke gebeurtenis was te zien op de site van RTV West.

100 HAAGSE DICHTERS MARATHON

Ritme, rijm en lyrisch metrum
Kranten, boeken, bladmuziek
Gebonden banden, dragers van geluid
De Bieb leent het al honderd jaren uit.

Het lenen is daar niet zo moeilijk,
Aan de balie frons je nooit een rimpel,
Zelfs op het strand kan je leesvoer scoren,
ze doen het goed, en houden het simpel!
(Victor Meijer)

Op het strand klinkt soms veel herrie
Mensenstemmen, popmuziek
Het machtig metrum dat er toe doet
Is het eeuwig ritme van eb en vloed.
(Jeannette Biesbroeck)

Letters gaan en woorden komen
drijven deinend in 't publiek
verdwijnen lezend, ogen volgeboekt
met rust in regel vind je wat je zoekt.
(Marja de Man)

Vloedlijn, eb en stille stranden
Wijntje, ligstoel, zonneschijn
Boek de tijd voor lezen ongebonden
Zoek niet meer je plek is nu gevonden.
(Cor van Leeuwen)

Golven van geluid, weerkaatst leven
Stilte voert statig haar strijd
Als zwart van de nacht wint, rond één
leef ik op sound en teksten van Kane.
(Fred Dukel)

De nacht valt, een ruisende kalmte
Op de achtergrond een muziekfestijn
Het ritme voert over de stille stranden
Waar nostalgische ontroeringen branden.
(Esmarije van der Bij)

Lamplicht veegt over de duinen
Als ik naar de stad vertrek
Het hoofd vol woorden, beelden en geluid
De tramcadans zet mijn bewustzijn uit.
(Hans Jansen)

Woorden in een vreemde taal
moeten wij leren of vertalen.
Zo komt er een beeld in ons hoofd,
dat ons een andere wereld belooft.
(Diddy van den Berg)

Oeverloos gelul, woorden geuit, gespuid
gedrukt, benauwd dan wel verlichtend
Eindeloos bedacht, vrijelijk te herbeleven
als parels aan de zwijnen meegegeven
(Marianne Volleberg)

Ritme, rijm en lyrisch metrum
Kranten, boeken, bladmuziek
Gebonden banden, dragers van geluid
De Bieb leent het al honderd jaren uit.

Waarom zou een dichter slapen
In de avond of bij nacht
Naar woorden speuren is wat hij dan moet
Zinnen smeden is wat hij daarmee doet.
(Alex Franken)

Met een woord en een gebaar.
Heb ik een gedicht zo voor elkaar.
De tekst ontstaat uit mijn gedachten.
Echt je kan erop wachten.
(A.L.de Gier)

Plussen, minnen, tobben, malen
Dichters vallen in refrein
Hersens breken, ogen staren
letters, komma's, punten baren
(Anne Borsboom)

Het schrijven van een kreupelrijm,
Daarin schuilt geen enkel geheim,
Maar weet je wel, waar zit ik mee,
Schrijf je nu word met een d of dt?
(Riet van Kuijeren)

Een dieper dan zintuiglijke waarneming
Als gevolg van woorden
Prachtige en intense kleuren
Die naar inspiratie geuren.
(Rik Strengers)

Zinnen, beelden, melodieën
Toevertrouwd aan het papier
Vertellen, zingen, tonen hun verhaal
Met hun eigen betoverende taal
(Greetje Jansen)

Droef of vrolijk kan het zijn,
Een gedichtje doet soms pijn.
Maar hij die positief blijft dichten
Kan andermans leed alsnog verlichten!
(Diny Hendriks)

Losse letters worden woorden
Van hoofd naar pen naar papier
Om in een ander hoofd te kunnen kruipen
Geschrift moet je niet sippen maar zuipen!
(Dayenne Mellink)

Drama, klucht en musical
Shakespeare, Goethe, Pinter
In woord gebonden, theatraal gedragen
Bezwangerde emoties voor publiek behagen.
(Mila von Klimburg)

Ritme, rijm en lyrisch metrum
Kranten, boeken, bladmuziek
Gebonden banden, dragers van geluid
De Bieb leent het al honderd jaren uit.

Aan het einde van deze mooie ochtend
Voel ik mij als werd ik opnieuw geboren
Vol verwachting open ik het zojuist meegenomen boek
En vanuit mijn luie stoel ga ik naar verre verten op zoek
(Theo van der Linden)

Het tikken van haar hakken,
Het kloppen van mijn hart,
De regen op ons dubbelglas,
Mijn leven is veranderd door wie ze is en wat ik las.
(Maurice Duijndam)

Dansend op een zee van liefde,
Smachtend naar oneindigheid
Ben ik, bedwelmd door de geur van verlangen,
In Aphrodite's mythe gevangen.
(Conny Wittekoek)

Men zet mij voor het writersblock
De valbijl extra scherp geslepen
Pulp, plastic cirkels en rechthoekig papier
Daarom kom ik zo graag hier
(G.G.M. Utermark)

Stille fora van in inkt besloten geluiden
Waar theorieën worden kortgesloten
Op een knooppunt van fantasie en tijd,
Vindplaats ­en vormer­ van menig werkelijkheid.
(Wouter Cames van Batenburg)

Sporen van vrouwen in de boekenkast,
Renate, Belle, Connie en Annie Ernaux.
Nimmer alleen, door hun geschreven leven,
voel ik me tot de penne(n)vrucht gedreven.
(Ank de Jong)

Leef je leven niet in letters.
Letters zijn levenloos.
Lees de werkelijkheid,
Leef letterlijk in de tussentijd.
(Jook de Jongh)

Het prentenboek lag op beider schoot
Dochter van drie las Oma voor
Ze kende het verhaal, lezen kon ze natuurlijk nooit
"Een wonderkind", sprak Oma, "wel heb je ooit"!
(René Kropman)

Met haar hart op tafel uitgespreid
De vingers tussen zijde
Probeert ze verdriet te lezen
Door lichaam tot bot te verdelen.
(David Muiderman)

Ritme, rijm en lyrisch metrum
Kranten, boeken, bladmuziek
Gebonden banden, dragers van geluid
De Bieb leent het al honderd jaren uit.

Bellen is niet toegestaan
Ook geen snacks bij de schappen
Toch kunnen ze niet zonder melodie
Je hoort er tringels met rap en Satie.
(Henk van Zuiden)

Boeken worden beetgenomen
hier bevingerd daar bevlekt
alle handen, de hele santenkraam
literatuur maakt ieder polygaam
(Olga Millenaar)

Boekenwurm leef je maar uit!
Ook al ben je lettervreter
Je kunt hier járen consumeren
Zonder ooit àlles te verteren
(Thea Neecke)

Mens, zoek inspiratie op!
Zoek geluk in woord en rijm
Vindt in strofen en gedicht
Het mooiste levensonderricht.
(Stephanie Vermeerssen)

Boeken, gedichten, muziek of rijm,
Alleen met dat zou je gelukkig kunnen zijn
Daarom gaan wij dichters elkaar dichterlijk omarmen,
Om zo alle harten in de wereld te verwarmen!
(Marianne Flake)

En dan opeens zacht in een hoekje
Klinkt een sputterend geluid
Een rapper heeft het bij de stijlpolitie verbruid
En kotst alle literatuur in free style er weer uit
(Jeroen van de Wiel)

Vingertoppen dansen met een verre wereld
Wanneer je mogelijk internet ontbeert
Terwijl verbindingen tot stand komen
gelegenheid genoeg in poëzie weg te dromen.
(Sonja van Mansvelt)

Ik schrijf mijn gedicht,
Ik dicht mijn tekst.
Een tekst met ritme en op rijm,
Maar wat rijmt op rijm, wat rijmt op rijm?
(Dick Keulemans)

In het Labyrint van het gedicht
Is het verhaal je wapen
Je ontrafelt het grote geheim
Het gedicht vervormt in ritme en rijm
(Michael Aponno)

Ritme, rijm en lyrisch metrum
Kranten, boeken, bladmuziek
Gebonden banden, dragers van geluid
De Bieb leent het al honderd jaren uit.

De poëzie zie en zag ik verzachten
De pijn van mijn gesloten gedachten.
Want dichten opent je, dichten deelt:
"Gedeelte smart wordt sneller geheeld."
(Maarten Willems)

Geleende boeken, telefonisch te verlengen
nooit slaag ik erin ze terug te brengen
want op het Spuiplein laat ik alles lopen,
van die flutfontein schiet m'n sluitspier open.
(Karel Kanits)

Want ik ben gemaakt van woorden
Verhaal, kikker of vlinder
Ik verander van vorm, van groot naar klein
En terug, als een jurk aan een waslijn.
(Eva Meijer)

Ritme en rijm doen mij bewegen
Zijn het glijmiddel van mijn leven
Woorden verbreden dan mijn blik
Zodat het leven meer wordt dan slechts 'ik'.
(Job Thöne)

Het letterkind speelt muziek
Met de boekenwormen in mijn hoofd
Woorden dansen, rijmvormen swingen
Waarmee ik het leven kan toezingen.
(Marko Klomp)

Ik heb geleerd te glijden
Van de rug van de giraffe
Durf te klimmen op de trap
Van mijn lief Dikkertje Dap.
(Annelies Wins)

Verhalen wonend op een plank
Op gebundeld papier met harde kaft
Staan wachtend altijd maar klaar
Op weer een nieuwe eigenaar
(Karel)

Ik ben op zoek naar woorden van kristal
Zinnen die kleuren tevoorschijn toveren
Kleuren die klinken als klarinetten
Als waterglazen om violen in te zetten.
(Hannah Adams)

Berichten rollen door de wereld
Weet je, meen je, wat denk je wel?
Een bundel woorden, vreemd gehakt geluid
Als je denkt iets te weten bewaak je die buit.|
(Antoine Stock)

Ritme, rijm en lyrisch metrum
Kranten, boeken, bladmuziek
Gebonden banden, dragers van geluid
De Bieb leent het al honderd jaren uit.

Laat de taal figuurlijk dansen,
Boekenwurm, jij leest je scheel,
Een boek gelijktijdig tweemaal lezen
Kan toch teveel van het goede wezen.
(Anton Born)

Vaak zijn ze met dubbele pen geschreven
Ook een dichter is een dorstig dier:
De muze die hem verplicht tot dank
Draagt een jurkje doordrenkt van drank.
(John Reinders)

De eenzaamheid eist vaak haar tol.
Ook de drank brengt slechts illusie.
Dichter, geef je sappig woord als mango,
Laat het tropisch gloeien als een tango.
(Henry van Sanderburg)

Ik zit steeds met mijn muis te spelen
Mijn scherm blijft wit en leeg
Was ik ijdel dat ik meedee?
Heette ik en reem ik maar g'lijk drs P!
(Marit van der Eijk)

En toch ga ik hier iets verhalen
Met een beatbox in mijn hoofd
Laat ik mijn vingers hardop spreken
Na in mijn ziel te hebben gekeken
(Johnito)

Denkend aan een creatie met zijn vinding
Een drankje en een stukje kaas
Lang leve de jubilaris, ons 'Biep'
Nu met z'n allen: hiep, hiep, hiep!
(René Bogaard ­ Rebo)

Toch zeker bij een eeuwfeest
Past een lange, rijkgekleurde slinger
En een uitbundig gezongen lied
Aan de kant dus even met verdriet.
(Bep Jansen)

Kijk ze schransen op de schragen
Rijke ruggen van weleer
Klare kaften zijn door mij bekeken
Lenen, is op plastic neergestreken.
(Olga van Akkeren)

Op een eiland van geluk
langs eindeloze wegen
tovert plots mijn cherubijn
alles om wat lijkt te zijn.
(Larie Levenslust)

Ritme, rijm en lyrisch metrum
Kranten, boeken, bladmuziek
Gebonden banden, dragers van geluid
De Bieb leent het al honderd jaren uit.

Nachten achtereen wakker geschud
Door letters, woorden, flarden, zinnen, vlagen
Eindeloos dwarrelden verhalen uit het kussensloop
Duizenden boeken beleefden in mijn bed hun vuurdoop
(Diann van Faassen)

Letters, woorden, poëzie
Mensen maak ook eens gedichten
In het ritme van een rijm
Dansen woorden in mijn brein.
(Riekie Schoneveld)

Alles komt voort uit die ene eenheid
Het gesprokene of vertellende
Is slechts een schim, een schaduw van wat is puur
Van dat wat is, onze ware natuur
(Eric Langras)

De natuur doet wonderen met de mensen
De mensen niet met de natuur,
De klok tikt rustig door. En dat is zonde
Voor velen tikt de laatste seconde
(Wybo Suijten)

Dieren vluchten, een zee die krijst
Kinderen schreeuwen, huilen, dwalen
De blues van het leven klinkt op ons pad
Een zanger strooit flarden muziek uit over de stad
(Ton Jurriansen)

De golven beuken op de kust
En wolken jagen langs de hemel
En het schreeuwen van de meeuwen
Een symfonie van leven.
(Wendelien de Witte)

Huwelijksfeesten, geboorte, dood
Anker voor de meeste geesten
De levenscirkel draait maar door
Meerstemmig klinkt ons giga-koor.
(Ellis Mensinga ' Lady of the Rings')

Tijd begrensd is nooit met schroeven,
maaksel, bouwsel, vastgelegd.
Gevolvoerd koortsbrein, leider van de hand,
verliefde tijd stapt in een nieuw verband.
(Ilse Duijvestein)

Maak je los van tijdsterreur
Wees weer kind in sprookjessfeer
Laat je niet door haast verleiden
Ga mee op het ritme, 't is niet te vermijden.
(Annemarie Bogers)

Ritme, rijm en lyrisch metrum
Kranten, boeken, bladmuziek
Gebonden banden, dragers van geluid
De Bieb leent het al honderd jaren uit.

Met het leven in haar handen
Zapt ze door haar emoties
Pakt de juiste soundtrack uit de kast
Spoelt snel terug naar hoe het vroeger was.
(Harry Zevenbergen)

Ze ziet zichzelf als nooit tevoren
Omringd door klank en poëzie
Verliefdheid en de eerste zoen
Wat zou ze dat graag overdoen.
(Maddy Roskam)

Jaren vol met roze klanken
Hij de ridder, zij prinses
Haar wereld suikerspinde tot een droom
Ze glimlacht nu en voelt zich lekker loom
(Annick Huijbrechts)

Waar vind ik op mijn lezerspad
Nog het door boekenwurm gevreten blad
Waar is het marmerkaft, het goud op snee
Zelfs 't ezelsoortje vouwt niet meer als vroeger, nee
(Jan Schrauwen)

Boeken halen, straks concert
De liefste twee dicht bij elkaar
Daartussen aan de overkant
Een kerk, een kroeg, het restaurant.
(Marianne van Raaij)

Virtuele letterketting
Vierentwintig uur toonzetting
Van archaïsch tot dynamisch
Honderd jaar breed panoramisch
(Minka Kaszó)

Papyrus, perkament en inkt
De tijd dringt, de tijdelijke drinkt
Gevleugelde woorden uit de ganzenveer
Ach, vadertje Tijd, drink en zing nog een keer!
(Anne-Tjerk Mante)

Reizen, ruimten, beelden, kleuren:
Op een vale regendag
Grazen in een schat aan boeken.
Letters lezen, proeven, zoeken.
(Rineke van Katwijk)

Bedolven door het stof van dromen
Dat nestelt tussen denken, daden
Het stof: waar wij altijd terugkomen
Hoe lichtvoetig ook het woord.
(Lotte Asveld)

Ritme, rijm en lyrisch metrum
Kranten, boeken, bladmuziek
Gebonden banden, dragers van geluid
De Bieb leent het al honderd jaren uit.

Losbol, studiebol of alleen
Voor iedereen is er wel iets
Leesvoer, voedsel, een warm gevoel
Bij uitstek het centrum voor dit doel.
(Bert van der Kraan)

Beat, boem; mijn ringtone ringeling
Kaatst door deze kasten keet
Boze blikken van knappe koppen
Blingbling ringeding die maar niet kan stoppen
(Kapax)

Kameleons en Arendsoog
Wolkers, Tolkien, Houellebecq
Schappen vol eruditie in 't verschiet
Kiezen, lenen, lezen; ik geniet.
(Ruud F. Steggerda)

Gesloten is een boek een steen
Geopend de kleurrijkste vogel
Ik reis met vleugels in mijn handen
Onbeweeglijk naar de verste landen.
(Wolfgang Blaffert)

Zinloos ga ik even fietsen
Hoopvol stap ik even af
Zinvol lijkt buiten binnen
Raak ik hopeloos buiten zinnen
(J.C. Burgerman)

Elk bezoek een unieke wereld
Ontstijgend aan het dagelijks grauw
Stil mijn honger haast bevlogen
Reikhalzend en met open ogen.
(Piet Baijens)

Kopieer ik van blad Sidney Bechet
Melancholische klarinet kleine bloem, zo
Jeruzalem, de Emerson Lake en Palmer,
Parry hymne; verwoestend orgel mag het kalmer?
(Erik Vlaksteeter)

"JA, gevonden!", opgewonden en vol verlangen
Naar het geschreven 'Woord'.
Een genot voor mijn ogen, nieuwe beelden
stromen binnen, mijn ontdekking zet zich voort.
(Angelique Pronk)

Ritme en rijm schieten vaak tekort,
In een gedicht van zomaarwoorden.
Maar wacht: misschien kan de muziek
Er iets mee in akkoorden en een melodie.
(Theo van de Wetering)

Ritme, rijm en lyrisch metrum
Kranten, boeken, bladmuziek
Gebonden banden, dragers van geluid
De Bieb leent het al honderd jaren uit.

Laatst ging ik een boekie kopen
Ruim tien euro was ik kwijt
Als je nou voor weinag iets wil lezen
Waarzo ken je dan het beste wezen?
(Leo van den Bosch)

Ik schrijf, ik dicht en rijm heel vaak
Het zal ook jullie lukken
Pak een boek, leer er wat bij
En boek vooruitgang in de rijmerij!
(Loes Zielschot)

Bilderdijkstraat, klein en koud
Piepende planken, schots en scheef.
Mijn hart verloren aan Campert maar nog het meest,
Aan de bundel "Alle Dagen Feest"
(Lex Triplex)

Lezen doe ik veel te weinig,
Neem er ook de tijd niet voor.
Want als ik door een boek geraakt wordt,
Dan kom ik beslist nog meer tijd te kort.
(Reina von Schükkmann)

Bij het ritme van de regen
lekker stil een boek te lezen
De tijd staat dan heel even stil
en dat is wat ik steeds weer wil!
(Cocky van Eck)

Plotseling, zonder het te beseffen,
Schreef hij snel iets op de muur,
Het was zijn allereerste haiku,
Vol van liefde en van vuur.
(Niko Christiansen)

Zonder boeken en muziek
Kan ik niet leven, word ik ziek.
Hier en daar een gedicht
Voor een ketting of een Haagsch gezicht.
(Petra Chabas-Roelofs)

Bladzijden bedrukt met letters
Hebben zonder jou geen zin
Bekijk ze, pak ze in je warme handen
En zing betekenis tussen de banden.
(Edith de Gilde)

Woorden leiden dikgedrukte letters
Tot ze klanken worden, nog iets vetters
Hoorde ze zingen voor me, warme begeleide vormen
Als darmen afgescheiden inhoud ging dwars door me
(Olivier van Nooten)

TERUG